02/06/2015 Jan Fokke Oosterhof

Een officiële reprimande van mijn blauwgele makkers

Na mijn looptraining heb ik een vergadering in het Mercure hotel voor station Nijmegen. Om 23.30 uur is het klaar en ik fiets goedgemutst de uitlopers van het perron op richting de stationshal in de verte om bij de AH-to-go nog even een maaltijdsalade te halen. Als ik nog 100 meter van het station verwijderd ben, zie ik ze al groeperen: Drie blauwgele rakkers van handhaving hebben mij gespot en mobiliseren zich om mij eens even stevig de les te gaan lezen. Ik stap af, ver voor de daadwerkelijke stationshal, zoals ik dat reeds van plan was, terwijl ze op me aflopen.

‘Zo jongeman! Dat kan zomaar niet he!? Wat zijn ‘we’ aan het doen?

Wat is dat toch? Dat je dan een uniform draagt en dan denkt de Pluralis Majestatis te moeten bezigen. Dat doen agenten, medewerkers van de vuilstort en stadswachten. Maar heb je ooit een papa tegen zijn (enig) kind horen zeggen: ‘Zo knullie, wat zijn we aan het doen?’ Nee dus! Tenzij vaders uniformdragend politieagent is natuurlijk.

Ik antwoord: ‘Nou meneer, volgens mij ben ik alleen, wie is ‘we’? Ik fiets overigens rustig richting stationshal, om daar af te stappen en door te lopen naar de AH-to-go.’

‘Ja maar dat kan echt niet! Als mensen dat zien, gaan ze het ook doen.’

‘Ja, dat is waar meneer, als ik hier in mijn eentje om 23.30 op het uiteinde van het perron (step)fiets met 1 km per uur, wordt het maar zo een drukke nationale fietsroute!’

‘Ja, en je kunt mensen van het perron af rijden zodat ze voor de trein vallen, want daar gaat het om he!’

‘Ja, u heeft gelijk meneer, ik zou zomaar met 1 km per uur hele horden met forenzen voor de trein kunnen kegelen. Ik doe dat immers dagelijks, voetgangers vanaf het fietspad de snelweg opslingeren.’

Hij fronst: ‘Ik moet u een officiële waarschuwing geven… Kunnen WE ons legitimeren?’

‘Nee, zoals u aan mijn trainingspak ziet, heb ik zojuist een hardlooptraining gegeven.’

Breeduit staan de drie handhavers om mij heen alsin om mij te imponeren. Het werkt averechts.

‘Oei, dat mag niet he!?’

‘Nee, maar sporten en dan je paspoort mee dat gestolen wordt, is niet handig he. Best duur zo’n document, en als ie dan weg is, krijg van een collega van u een standje met de opmerking: ‘Het verliezen van een paspoort is een offence jegens de staat’. Waarop ik dan weer moet gaan uitleggen dat het jatten-van-mij de misdaad is en dat ik doorgaans mijn spulletjes niet verlies.’

‘U kunt ook een identiteitskaart nemen naast uw paspoort.’

‘Ja, dat kan. Maar dat kost ook geld he! Bovendien, ikzelf vind het sterker als ik zeg dat ik ik ben, dan dat ik een kaartje krijg van een publieke organisatie die zegt dat ik ik ben, toch? Ik ben er immers zelf bij. Of volgt u het niet meer? Enfin, ik heb mijn OV-chipkaart bij me. Is dat handig voor u?’

‘Ja! Dan ga ik al uw gegevens noteren, naam, adres, woonplaats.’

‘Dat kunt u doen, maar ik ga u niet proberen aan uw verstand te brengen dat het theoretisch gezien voldoende is om alleen mijn kaartnummer te noteren, omdat daar alle gegevens al achter zitten. Uw organisatie begrijpt dat concept immers ook niet als ik ‘geld terugvraag bij vertraging’, of ‘een klacht indien’. Ook als je bent ingelogd dien je dan alle gegevens nogmaals in te voeren. Ik word om ALLE gegevens gevraagd terwijl die via een ODBC-koppelingetje aan uw gewaardeerde OV-chipkaart zijn gelinkt. Hoezee ICT!’

‘Nou, ik heb uw gegevens. Niet meer doe he!?’

Zucht. Dat kan ik niet beloven. Dat wil ik niet en dat doe ik niet.

Zoals een vriend van me zo mooi verwoordde: ‘Is je moeder nou trots op je na zo’n dag werken? Dat je iets hebt toegevoegd, zeg maar?’ Ik ga het hem niet vragen.

 

Reminder to self: delete van bucketlist ‘Officiële reprimande van NS’. Check. Trots.

Wordt vervolgd…

Nawoord: Natuurlijk had hij gelijk. Dit zijn enkel stuiptrekkingen van een gekwetst ego.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CONTACT | COFFEE

Aarzel niet en zoek even contact!