Jan Fokke Oosterhof | Neem deel aan de SUP 11-stedentocht
141
post-template-default,single,single-post,postid-141,single-format-standard,ajax_updown_fade,page_not_loaded,qode-page-loading-effect-enabled,,qode_grid_1200,footer_responsive_adv,hide_top_bar_on_mobile_header,qode-content-sidebar-responsive,qode-theme-ver-17.2,qode-theme-bridge,qode_header_in_grid,wpb-js-composer js-comp-ver-5.6,vc_responsive
 

Neem deel aan de SUP 11-stedentocht

Neem deel aan de SUP 11-stedentocht

 

In 2009 nam ik deel aan de eerste SUP 11-Stedentocht voor geinviteerde atleten. Nu is het een landelijk evenement. Kijk naar onderstaand filmpje (ik figureer ook) en lees mijn verslag en belangrijkste: schrijf je in voor de editie van 2012!

[youtube=http://www.youtube.com/watch?v=7nz-_XOaNdc&feature=player_embedded]

[youtube=http://www.youtube.com/watch?v=p-m9377Kf8U]

Op een surfboard door de winderige ‘Hel van het Noorden’. Anne-Marie Reichman heeft een droom: het organiseren van een Nederlandse 11 stedentocht op een surfplank; een Stand Up Paddle (SUP) -Board om precies te zijn. Ze vraagt me of ik deel wil uitmaken van haar tocht. Nu heb ik vorig jaar de alternatieve 11-stedentocht in Oostenrijk geschaatst en dit lijkt me een waardige vervanger.

Bovendien heb ik zoals mijn naam – Jan Fokke – doet vermoeden enige Friese roots en dit lijkt me bij uitstek de manier om mijn homeland te verkennen. Staand op een veredeld surfplankje door de Friese 11 steden peddelen, 220 km in 5 dagen, mijn interesse is gewekt. Dit zijn de uitdagingen waarvoor ik warm loop. Bovendien: met ons Frozen Dreams-project willen we mensen inspireren om met hun droom aan de slag te gaan en Anne-Marie is in dat opzicht een ambassadrice van onze visie. Ze is bij uitstek iemand die met het organiseren van haar SUP-11 stedentocht een droom laat uitkomen. Enkele dagen later word ik door Anne-Marie gebeld: ‘Vandaag gaan de benodigde boards vanuit Hawai op transport. Je moet nu beslissen: koop je een board en doe je mee, of niet?’ ‘Ehh, doe maar een board…’ Ik kan niet meer terug.

Oakley en O’Neill

Op 31 augustus land ik in Leeuwarden met een immense duffel. Wat neem je mee als je 5 dagen staand op een board door 11 steden gaat peddelen? In ieder geval de Jawbone-zonnebril van sponsor Oakley en de kleding van sponsor O’Neill-Nederland. Ik heb nog nooit op een SUP-board gestaan, maar kom dan in ieder geval professioneel gekleed voor de dag. De redenen dat ik nooit op een board heb gestaan: enerzijds komt mijn board slechts enkele dagen voor het evenement in Nederland aan, anderzijds vind ik het juist de charme om dit soort nieuwe expedities open in te gaan. Zo lang duurvermogen, grenzen verleggen en de strijd met de elementen maar de centrale ingrediënten zijn. Velen zullen me voor gek verklaren; het maakt me niet uit, ik vind het een fantastisch project.

 

De eerste boards onder de Zuiderzon

Ik kom aan bij de Zuiderzon. De Zuiderzon is een immens schip, en het woord heeft niets met het weer van doen. De woorden zon en aangenaam zijn wel de laatste woorden waarmee het weer zich deze week laat kenmerken. Het schip ligt aangemeerd in Leeuwarden en de atleten zullen hierop de nachten doorbrengen. De Zuiderzon staat onder de bezielende leiding van de aimabele schipper Kees van Zon, een telg uit een oud schippersgeslacht. Hij ontpopte zich als een uitstekend schipper en een gezellige gastheer. In 1995 bouwde hij deze tweemastklipper, een comfortabel schip met goede zeileigenschappen. Op de oever ontwaar ik meteen de eerste ‘planken’. Ademloos kijk ik toe hoe Mark Raaphorst, boardbouwer uit Hawai, de demontabele boards voor hem en zijn vrouw Donna in elkaar zet. Ik zou bijna zenuwachtig gaan worden bij de aanblik van zoveel pro’s. Iets verderop ligt het prachtige board van Erwin Janssen dat is opgesierd met de Friese vlag op zowel voor- als achtersteven. Eenieder schroeft, schuurt, poetst en pulkt; mijn board arriveert morgen om half acht, één uur voor de start.

 

De route

Eenmaal aan boord vind ik op de tafels de waterkaarten van Friesland uitgestald met daarop de route ingetekend:

–          1 september Leeuwarden-Sloten 45 km

–          2 september Sloten-Workum 46 km

–          3 september Workum-Franeker 45 km

–          4 september Franeker-Dokkum 54 km

–          5 september Dokkum-Leeuwarden 30 km

Het vertrek is om ‘s morgens 8,30 uur en op 5 september om 10.00 uur.

De aankomsttijden zijn afhankelijk van temperatuur, wind en stroming in de namiddag.

De preps

Ik krijg het onderste bed van een stapelbed toegewezen aan het einde van de gang. Ik ben er om 14 uur, zoals werd verzocht op de uitnodiging, maar van 14 tot 17 uur gebeurt er eigenlijk niet zoveel. Deelnemers sleutelen aan hun uitrusting. Ik pak mijn Camelback in en ben om 14.10 uur gereed. Morgen zal ik van start gaan met 2 liter water, 8 fruitrepen, gelletjes, fietshandschoenen met dichte duim tegen blaren, een pet, een Oakley-zonnebril en mijn kleding van O’Neill. What more does a SUP-per need? Toch blijken anderen niet alleen de hele middag en avond, maar zelfs de volgende ochtend voor te bereiden. Ik ben hardlopers, fietsers, skiërs en poolreizigers gewend; SUP-pers spannen de kroon. Lekker tutten met de uitrusting. Ik pak een terrasje in Leeuwarden en geniet van de zon die er (nu nog wel) is. Om 17 uur volgt de openingsceremonie en daarna een luxe diner. Anne-Marie heeft een en ander strak georganiseerd. Na het eten duikt eenieder vanaf 20.30 het bed in. Morgen is het zo ver.

Me and my board get acquinted

Al om 6 uur word ik wakker door het tumult van de fervente voorbereiders. Ik draai me nogmaals om. Tevergeefs. Ik moet nog 2,5 uur door zien te komen. Koffie, koffie en nog eens koffie. Daarna het overheerlijke ontbijt dat elke ochtend door onze personal chef wordt bereid. Verse zalm met kruidenkaas, pannenkoekjes met stroop, vers fruit. Dit is (nog) geen afzien; dit is een luxe cruise! Wat heerlijk om een geïnviteerd atleet te zijn. Om acht uur gaan de eerste atleten het water op. Of ik ook nog even wil oefenen? Mwah, met vandaag 45 km voor de boeg en 220 km in vijf dagen, mogen die laatste tien minuten oefenen het verschil niet meer maken. Bovendien loop ik het risico al voor de start een nat pak op te lopen! Mijn board komt om even na achten van de trailer. Hij is fluorescerend geel, met een wit dekje; een juweel voor het oog. Nog even en ik word emotioneel. ‘Heb je ook mijn peddel?’, vraag ik, zoals we telefonisch hadden afgesproken. Oops, ik krijg een andere wat zwaardere oefenpeddel. Ik laat tevens een zwaard onder mijn plank monteren. Vandaag wil ik me druk maken om peddelen en techniek, niet om stabiliteit (lees: zwemmen). Bovendien waait het nogal met windkracht vijf. Om 8.20 uur gaat mijn board te water. Ik klauter van de wal op het schip en val niet direct; dat geeft de burger moed. Eerste hindernis genomen, een beetje rondpeddelen en het zelfvertrouwen groeit met iedere slag. Beetje wiebelig nog. Gelukkig heb ik vijf dagen voor de boeg om aan mijn prachtige vaartuig te wennen.

Startperikelen

Dag 1, 1 september, Leeuwarden – Sloten, 45 km – Het aftellen dan. Wethouder Florijn (Sport) van de Gemeente Leeuwarden geeft het startschot van de eerste SUP 11-stedentocht. Meteen gaat de internationale surftop (Freestyle, kite, SUP, wind en anderszins) er als een haas vandoor. Mij achterlatend in het kielzog, een golvend schuimspektakel. Ik wiebel en wabbel, maar blijf overeind. De tweede hindernis genomen. Mijn zelfvertrouwen groeit aanzienlijk en ik zet een achtervolging in die zijn weerga niet kent (i.e. hij duurt precies 220 km). Voor me zie ik langzaam (snel eigenlijk) de andere 17 topatleten uit het zicht verdwijnen, terwijl we Leeuwarden uitvaren. Vandaag peddelt Hans Achterbosch mee als bekende Nederlander. Een sympathieke klimmer die de Mount Everest (hoogste), Mount Vinson (koudste) en Mount McKinley op zijn naam heeft staan. Hij zit me vlak op de hielen, maar ik loop uit. Dat gaat goed! Hans heeft immers nog met Anne-Marie geoefend, althans dat doet het youtube-filmpje ons geloven. Als ik even later kijk, zie ik hem niet eens meer! Meteen doe ik er nog een peddeltje bovenop.

De eersten zullen de laatsten zijn

Hans heeft echter één groot voordeel ten opzichte van ons: hij komt hier uit de buurt. Wij varen dan ook allemaal bij de eerste splitsing verkeerd, waarna Hans op de eerste positie ligt. Of zoals het SUP-Journaal (dinsdag 1 september 2009) bericht:

Who said it was easy

Half an hour after the start the headgroup missed the exit. Shit happens, some say. A new start was arranged. Celebrity Participant Hans Achterbosch kept on peddling while the other athletes started over. So it happened that he arrived in Weidum first. Just like he predicated yesterday (indeed, dreams do come true during this event).

Als het volgbootje me waarschuwt, keer ik vlug en promoveer met stip van de op-één-na-laatste-positie, naar de tweede positie in de wedstrijd. Zo gaat ie goed. Mijn vriendin die bij ChampionChip werkt, de organisatie waar de GPS-trackers vandaan komen, krijgt ondertussen op haar werk een sms van de tracking-divisie: ‘Lekkere vent heb jij, hij ligt bijna laatste!’. Vijf minuten later kan ze terug sms-en: ‘Hij ligt nu tweede in de wedstrijd!’ Ze krijgt nog een laatste sms terug: ‘ah, nu snappen we zijn tactiek!’

 

Kan iemand de wind uitzetten?

Vol goede moed gooi ik er nog een peddeltje bovenop en sla rechtsaf richting Weidum en Sneek. Maar dan: BAM, alsof je met een moker voor je bek wordt geslagen (niet dat ik dat ooit heb meegemaakt; spreekwoordelijk), de wind vol in mijn kale snufferd. Alsof ik van 100 kilometer per uur terugschakel naar nul. Ik had me nooit gerealiseerd dat deze boardjes zo windgevoelig waren. Het is nog erger: als ik één enkele keer niet peddel, vaar ik achteruit, terug naar Leeuwarden. Het vooruit tegen de wind in peddelen gaat langzamer, dan het achteruit met de wind mee terugdrijven. De hele weg – nog 40 km – zal ik de wind vol in mijn snuit hebben. Dat belooft nog wat.

Tip van toppers

Ik speur de horizon af en voorbij de rimpelingen op het water en het wapperend riet, zie ik een schim van Hans. Die kerel heeft zijn lead snel uitgebouwd! Naarstig speur ik naar het kleinste beetje luwte, daar waar het wateroppervlak niet rimpelt; het is er niet. Daar waar de wind aanwakkert, neemt mijn tempo steeds verder af. Voortdurend raak ik met mijn peddel verstrikt in het riet, in mijn pogingen me achter een strohalm uit de wind te houden. Angstvallig staar ik zo nu en dan over mijn schouder om te zien of ze al komen. In mijn beleving duurt het uren, maar dan opeens zijn ze daar. Ze blijken met z’n allen een herstart te hebben gedaan ergens op het water. Vanuit het niets zijn daar Byron Kurt en Xavier Masdevall Garcon op hun zwarte Hobie-Boards. Ze vliegen me voorbij alsof hun verrekte boards in plané gaan. Hoe krijgen die mannen met wind tegen zoveel snelheid uit hun board? Ongelooflijk! Ze hebben zelfs nog tijd om me tips toe te schreeuwen. Ik moet verder voorop mijn board gaan staan. ‘Go to the front of your board, Jan!’, brullen ze me toe. Stapvoets, waggel ik met de grootste voorzichtigheid richting de neus van mijn board. ‘Further, further!’, brullen ze. Ik kruip nu echt in de neus van mijn kuipje en zowaar het scheelt iets. Binnen no time zijn de atleten op hun Hobie-boards, die speciaal voor deze wedstrijd zijn ontwikkeld, weer uit het oog verdwenen.

 

De 11-stedentocht van 1963

Een voor een komen ze me nu voorbij, terwijl ik telkens probeer mijn evenwicht te bewaren in hun hekgolf. Steeds lomper begin ik met mijn peddel door het water te harken en steeds meer zie ik de volstrekte nutteloosheid van mijn pogingen in. Dan kom ik aan bij een bruggetje waar BN-er Hans het ruime sop verlaten heeft. ‘Hoe gaat het Jan?’ ‘Mwah, I’ve seen and been better! Ik beklim liever een berg nu op dit moment.’ Vlug drink ik iets en begin weer tegen de wind in te harken. Is dit dan SUP-pen? Gelukkig hoor ik later van de pro’s dat ze het very hard circumstances vonden en dat ze thuis in Maui en California met name downwind-contests houden. Of zoals de winnaar van vandaag Byron Kurt later tegen de pers opmerkte: “This was the hardest peddle I have ever had.” De Friese courant merkt op: De eerste etappe van de Stand Up Paddle Elfstedentocht, in onze moerstaal Peddel Elfstedentocht, die vanmorgen om 8.30 in Leeuwarden van start is gegaan, zou wel eens uit kunnen lopen op een tocht, vergelijkbaar met de schaatselfstedentocht van ’63.

SUR-ren, een nieuwe variant van SUP-pen

Dan zie ik de goedlachse Patrick Smits en Kevin Langeree voorbij komen. Ze gaan niet heel snel, maar vorderen gestaag en overtuigend. Als ze ongeveer een kwartier voor me zitten, zie ik opeens iets rechts in mijn ooghoek bewegen in het weiland. Kevin slalomt met het board onder de oksel tussen de koeien door. De koeien kijken al even verbaasd als ikzelf. Kevin heeft zo-even een nieuwe variant op het SUP-pen uitgevonden, het SUR-ren, Stand Up Runnen. Blijkbaar heeft ook hij het gehad met de wind. Al snel komt hij blijkbaar tot de conclusie dat 25 kilometer hardlopen door de weilanden met het board onder je arm wel eens zwaarder zou kunnen zijn dan upwind-peddelen, want hij peddelt al snel weer achter Patrick aan.

Abort mission

Nu volgt een stuk van 200 meter waar de wind echt niets aan het toeval overlaat. Met orkaankracht raast hij tussen de beide oevers door in zijn pogingen mij terug te drijven. Ik scheld, ik tier, ik peddel, ik vorder een paar centimeter per slag. Tweemaal laveer ik van de ene naar de andere oever op zoek naar luwte. Tevergeefs en ik drijf zeker tien meter terug. Pauze is er dus niet bij, tenzij je je vastklampt aan een strohalm. Ik ben niet snel geneigd iets op te geven, maar dit is in één woord: futiel. Als ik bij een bruggetje weer drinken krijg aangereikt en het na de brug op dezelfde wijze verder gaat, moet ik mijn wild geraas staken. Te weinig techniek, te weinig evenwicht en takkewind! Met board en al kruip ik in het volgbootje bij Hans en Laura, die achteraf de hele week samen mijn trouwe support-team hebben gevormd. Ze pikken de richtingborden op en bewaken trouw de achterhoede. Achteraf zijn ze het team dat de hele 11-stedentocht vaart in de kleinste volgboot ooit. Snel varen we door achter de laatste peddelaars aan.

He tweede slachtoffer

Al spoedig zitten we in het kielzog van Patrick en Kevin. Gestaag peddelen ze voort, maar Kevin heeft het wel gezien met het tegen de wind in harken. Niet verwonderlijk voor een man van zijn kaliber – drie keer tweede op de wereldranglijst kitesurfen. Deze man maakt er normaal gesproken een sport van om de wind in zijn voordeel aan te wenden. Niet veel later hangt hij met zijn plank aan de boot en merkt op dat hij altijd zoekt naar de adrenaline rush in zijn sporten. Dit is niet zijn ding. Daar waar ik het zoek in afzien en duurvermogen, zoekt hij het in snelheid en dynamiek. Patrick ondertussen vaart voort en niet veel later doen we Sneek aan waar we lunchen en verplicht 15 minuten moeten rusten. Kevin zal na de lunch op mijn board verder gaan. Ik blijf in de volgboot en wil dan tenminste de tocht over water volbrengen. Als we weer aansluiten bij Patrick is Kevin verdwenen. Hij blijkt met mijn board in de VIP-speedboat te zijn gestapt en aan de horizon te zijn verdwenen. Hij zou niet weer opstappen en geef hem eens ongelijk met dit Fri(e)(s)se weer. Als we ’s avonds aankomen op de boot is hij op weg naar het (hopelijk) zonnige Noordwijk.

Een galeislaaf met mokerarmen op de knieën

Patrick vaart zeker twee uren gestaag voor ons uit en verovert met zijn voortploegen een speciaal plekje in onze supportersharten. Vanuit het bootje staren we toe en dan blijkt weer eens dat coachen misschien wel zwaarder is dan deel uitmaken van de actie. We kunnen enkel hopen dat hij het volhoudt, want aan het einde van de etappe volgt een oversteek over open water van drie kilometer, vol tegen de wind in. We duimen dat hij het haalt. Als we bijna bij het meer zijn, zijgt Patrick op z’n knieën, eet een banaan en zucht een keer met de armen ten hemel gespreid. Dan gromt hij en geeft gas. De turbo gaat aan; een man naar mijn hart. Meter voor meter wurmt hij zich door de golven als een onuitputtelijke galeislaaf met de bovenarmen van een goudsmid. De boards zijn moeilijk recht op de wind te houden en voortdurend moet hij wisselen tussen half wind-op en half wind-af varen, met als gevolg dat hij zeker zo’n zes kilometer over deze oneindige plas moet beuken. Er lijkt geen einde aan te komen, en zeker een uur lang lijken beide oevers even ver van ons verwijderd, even onbereikbaar, zonder dat er verandering in de situatie komt. Toch zet hij door, al moet hij letterlijk op z’n knieën.

Groot Sneek bericht:…De omstandigheden zijn, de prettige temperatuur even daargelaten, loodzwaar. Dinsdagmiddag wordt er regen verwacht gepaard aan een nog sterker toenemende wind. En in die omstandigheden het Slotermeer oversteken, staande op een plank, die na elke slag weer even hard achteruit gaat als jij hem vooruit hebt gepeddeld, dat moet geen pretje zijn.Voeg daarbij de onprettig steile golfslag van het Slotermeer en een tien-kleine-negertjes-scenario lijkt voor de hand te liggen. Ook de komende dagen is er wisselvallig weer met van tijd tot tijd erg harde wind voorspeld. ‘So the boys will be separated from the men’. Een verslag van deelnemer Donna meldt later: ‘…We found out later that night that the Skipper of the 150’ platbodem (flat-bottomed) “De Zuiderzon” had such a rough time driving his schooner in those conditions that he got down and kissed the deck after he tied it up for the night!!!…

Vadergevoelens en masseuses

Later blijkt Byron hier met maar liefst 6,2 kilometer per uur doorheen geploegd te zijn; alsof het windstil was. Zo nu en dan schreeuw ik naar Patrick, als ik denk dat hij het te kwaad krijgt en ik slinger de meest motiverende dingen naar zijn hoofd. ‘Op de andere oever staan drie masseuses met enorm gevoelige handen op je te wachten’. Gelukkig weet hij telkens weer die glimlach op zijn verbeten smoelwerk te toveren en hij blijft doorvechten. ‘Je bent een held! Blijven gaan! Alles hard!’. Later zou hij zich laten ontvallen dat ik vader moet worden gezien mijn motiverende eigenschappen; laat dat nou net effe niet in de planning liggen. Eenmaal aan de finish volgt de opluchting en de ontlading. Bij de massage bijkt bij mij, als fervent hardloper niet zoals verwacht het bovenlijf op te spelen, maar de bovenbenen. Evenwicht is de boosdoener, met name het behouden ervan. Het was een zware dag vandaag; voor mij zelfs ondoenlijk. Morgen gaan we daar verandering in aanbrengen.

(Weer) een nat pak

Dag 2, 2 september, Sloten-Workum 46 km – De start verloopt voorspoedig, een blauwe hemel en (nog) niet te veel wind, dus dat meer van gisterenmiddag moet ik zonder al te veel problemen kunnen overkomen. Ik volg mijn maat Kevin Hilgeholt, Nederlands Kampioen moderne 5-kamp en 25e op de WK. Hij is vandaag de bekende Nederlander die meevaart. Soepeltjes mikken we de boards tussen twee paaltjes door waaraan een visnet bevestigd is. Even opletten met de vin, dat hij niet blijft hangen. Net als ik denk dat ik er al ben, geef ik een flinke haal met mijn peddel om te moeten constateren dat ik er dus nog niet ben. Mijn vin blijft in het visnet hangen. De vin hangt, het board schokt, komt tot stilstand en ik kies het luchtruim. Met een boog donder ik voorover en lazer via mijn board het water in; amateur! Hoezee! Nog geen tien minuten onderweg en ik heb mijn eerste natte pak. Anne-Marie deelde Crocks uit van haar sponsor vanochtend. Ze schijnen te drijven, maar die van mij zitten zo diep in de modder verankerd dat ik ze niet meer terugzie. Ik betast nog enkele seconden de bodem, maar mijn Crocks hebben hun laatste rustplaats nu reeds gevonden.

Veiligheidsspelden in de borst

Snel hervind ik me en baan me een weg door het meer. Naar ik later hoor van de volgboot doe ik het goed; ik heb een veel betere lijn dan de anderen. Dat blijkt ook, want eenmaal aan de overzijde heb ik Martijn van Deth in mijn vizier. Hij is vandaag mijn prooi en ik weiger hem uit het oog te verliezen. Ik vaar dan ook niet minder dan 25 kilometer in zijn kielzog en loop zelfs op hem in als we door het natuurgebied varen, dat gekenmerkt wordt door smalle watertjes, waar wind geen rol speelt. Het is absoluut prachtig, maar ik hark me er zo snel mogelijk doorheen. Na 25 kilometer volgt het tweede open meer. Ik beuk me er doorheen en zowaar ik kan het spoor van Martijn houden. Eenmaal aan de andere zijde beland ik echter toch iets teveel aan de benedenwindse zijde om rechtstreeks de vaargeul in te kunnen steken. Ik dreig in andere woorden: met een kluitje het riet in te zullen varen. Vlug draai ik met een aantal zeer krachtige slagen de boeg diagonaal op de golven, om te moeten constateren dat mijn boardgevoel dusdanig is dat de kurkentrekkerbeweging die volgt een zeer sterke neerwaartse uitwerking op me heeft, lees: ik lazer keer op keer genadeloos overboord en de volgers in de boot koesteren medelijden. Ze willen zo graag dat het lukt vandaag. Na zeven duikelingen wil ik wederom mijn board bestijgen, maar de veiligheidsspelden van mijn startnummer hebben losgelaten en zijn een eigen leven gaan leiden. Bij de zevende keer steken de naalden niet in mijn nummer, maar in mijn borstkas. Dit lijkt me niet de juiste gang van zaken en ik besluit ter plekke dat ik geen startnummer meer nodig heb. Ik geef het startnummer aan de volgboot en laat me de laatste 200 meter vanuit het riet de vaargeul inslepen. Shit! Kan ik vandaag niet de tocht zelfstandig volbrengen.

Windgaten traverseren tot het keerpunt

Vol goede moed ga ik verder, maar dan blijken links twee openingen in het kanaal naar open water. Zucht. Met volle kracht boor ik me in de wind en probeer het gat te overbruggen. Elke slag die ik vooruit doe, vorder ik net zoveel richting de benedenwindse kant. Het lukt me met een uiterste krachtsinspanningen ik blijf precies twee meter uit de overliggende oever. Ik laveer weer naar de bovenwindse kant, om even later hetzelfde avontuur nogmaals aan te moeten gaan. Het tweede gat is verraderlijker en ik waai in no time naar de andere oever. Ik moet me laten wegslepen en gezien de heftige golfslag moet ik me in Stavoren laten afzetten. Meteen neem ik me voor dat dit écht de laatste keer is. Wat er ook gebeurt; al moet ik me het IJsselmeer over peddelen, ik zal zelfstandig Leeuwarden bereiken. Ik heb twee dagen de tijd gehad om me het kunstje eigen te maken en nu wordt het serieus. Vanaf nu zal ik vechten voor elke meter, al kom ik om middernacht binnen.

En zo geschiedde. Veni, vidi, vici.

Een stramme hork

Vanaf Stavoren peddel ik zonder problemen naar Hindelopen en Workum. Ik word binnengehaald alsof ik de dagwinnaar ben, maar ik kan er niet van genieten. Vandaag slechts 40 van de 46 kilometer zelfstandig gepeddeld en dat laat ik niet onvermeld: ‘Ik moest mijn bootje en het volgteam inzetten’. Niemand tilt eraan, misschien doe ik het als debutant wel aardig tussen de internationale surftop. Ik hoop het maar want ik kijk op tegen de dag van morgen en met name de langste dag die daarna volgt. Vannacht kon ik al nauwelijks bewegen in mijn bed van de pijn. Met name de biceps en buikspieren doen pijn. De rugspieren voel ik ook redelijk, om van de nekspieren maar niet te spreken. Ook de triceps en de polsen hebben het zwaar te verduren. Het bloederigst zijn de vele blaren op mijn handen en niet te vergeten de twee gekneusde ribben die ik nog heb overgehouden aan het heerlijke weekendje mountainbiken met Kelvin enkele weken terug. Op zich gaat het nu wel met mijn benen, maar de vleugels onder mijn oksels zijn allerpijnlijkst, evenals mijn onderarmen. Verder gaat het wel aardig.

Debuut op de SUP 11 city tour

Dag 3, 3 september Workum-Franeker 45 km – Vandaag is de dag met de meeste wind; wondkracht vijf met uitschieters naar acht (> 100 km/ uur). Het eerste deel gaat me goed af met wind in de rug, maar dan buigen we naar het westen richting de IJsselmeerdijk. Het is nu vechten geblazen. Indachtig mijn adagium van gisteren is de boot vandaag géén optie meer. Ik heb hier enkele jaren terug het Friese kustpad gewandeld en ik weet dat het pad pal van noord naar zuid loopt, geen kronkels. Dus, ben je bij de IJsselmeerdijk waarover het kustpad loopt, dan buig je af naar noord of naar zuid en is het over met de wind. Van polletje naar polletje vecht ik me vooruit. Als ik tierend en scheldend met mijn peddel door het water maai, roept Laura verschrikt vanuit de volgboot: ‘Vind je het nog wel leuk Jan?’ Laura en Hans, ze beginnen steeds meer met me mee te leven als getuigen van mijn persoonlijke strijd. En ja! Het is is leuk, ik moet alleen die verrekte dijk zien te bereiken, want dan heb ik een kans. Ik groei steeds meer in de wedstrijd en de SUP-sport. Het gaat elke dag makkelijker en ik zit dichter op mijn voorgangers. Ook kom ik elke dag makkelijker tegen de wind in. Dat moet ook haast wel. Als je debuteert op de SUP-sport op de SUP 11-steden tocht dan dwing je jezelf elke tip, truc en techniek eigen te maken, om maar effectiever en efficiënter te varen en daarmee het lijden lichter te maken. Als je niet beter wist, zou je zeggen: de 11-stedentocht, géén betere manier om de SUP-sport onder de knie te krijgen.

Van je volgteam moet je het hebben

Het sluitstuk om de dijk te bereiken is een smal bruggetje. De wind wordt door het bruggetje gekanaliseerd en alle kracht bundelt en verenigt zich onder de overkoepeling. Ik peddel, hark, verplaats water, schoffel, schep, maar kom geen millimeter vooruit. Waarom heb ik een flashback richting de wildwater-kayakcursus die ik volgde op de Durance en de Guille nabij Guillestre? Met orkaankracht dendert de wind door dit tochtgat en het gebulder is oorverdovend. Het lijkt wel een wildwaterbaan en de golven denderen onder me door. Ik zet me snel op de knieën, stoot een dierlijke oerkreet uit en verhoog mijn roeitempo. Hans die zich niet gewaar is van deze strijd is even op de brug geklommen om enerzijds de richtingaanwijzer weg te nemen en anderzijds vanaf het bruggetje te plassen. Net als hij de hand aan de gulp slaat, hoort hij gelukkig mijn oerkreet. Je moet er toch niet aan denken, dat je je net op je laatste krachten door een windhoos heen hebt gevochten en dat iemand van je volgteam je dan op het hoofd urineert!?

 

Aangevaren door de volgboot

Had ik tot voor kort een droog pak, nu ben ik alsnog nat. Laura en Hans wilden me helpen door vuil uit mijn staartvin te halen. Ze voeren echter te hard met hun bootje tegen mijn board. Door de schik lazerde ik achterover van mijn board de sloot in. Laura schrikt en slaat de armen voor haar mond. Ik kan er enkel om lachen: als je 220 kilometer peddelt op een surfplank is een nat pak het minste dat je mag verwachten. Ik heb er zelf om gevraagd! Plensbuien met orkaankracht; nat is nat!

 

Regen, water en wind; kracht acht

Na het bruggetje nog enkele tientallen meters en dan draai ik Harlingen in. Zucht. Dat hebben we gehad. We draaien zelfs met de wind mee, maar dan dient de volgende uitdaging zich aan. De lucht breekt en een immense hoosbui stort zich met windkracht acht over mij en mijn volgcrew heen. Ik beweeg nog; zij zitten 220 kilometer lang stil. Ik voel hoe de kleding op mijn rug langzaamaan doorweekt raakt en vertrouwd begint te plakken. Overal om me heen bellen op het wateroppervlak, ter grootte van knikkers. Ook dit is SUP-pen. SUP-pen is adventure!

Een onwrikbare rots in de branding

Als ik linksaf draai, ontwaar ik voor me op de brug de moeder van het peloton (tevens de moeder van Anne-Marie), Toos. Zwaaiend staat ze daar in de plensbui en schreeuwt me bemoedigend toe. Overal is ze en overal schreeuwt ze even uitgelaten, in wind, regen, hagel, zon en desnoods een orkaan. Ze is letterlijk een rots in de branding voor ons sporters. Na een korte stop en drinken volgt het kanaal naar Franeker. Ik ben nog geen 300 meter weer op pad of Toos staat als een bezetene naar me te zwaaien aan de kant, dat ik moet stoppen. ‘Of ik wil wachten op de bekende Nederlander van vandaag, Syb van der Ploeg, anders moet hij helemaal alleen met windkracht acht in de rug het kanaal te lijf gaan?’ Ja hèhè, voor Toos zou ik achterstevoren op mijn board naar Leeuwarden cruisen. De beste man zal zo’n acht kilometer lang zijn debuut maken vandaag tussen de immense golven en de storm die de regio teistert. Natuurlijk wacht ik op Syb, ik ben zo koud en nat van het overboord vallen zonet, dat het toch niet meer uitmaakt.

Syb scheert over het kanaal

Toos hijst me eerst op de wal, dan in een jas en sjaal en vervolgens in de auto. Geduldig en klappertandend wacht ik op Syb. Dan volgt een telefoontje van Syb: ‘ik vind het zielig dat Jan moet wachten in de kou, vaar vooral door’. Ik mag die Syb nu al. Ik hijs mijn board terug het water in en besluit alsnog te wachten op de beste man met de sjaal van Toos om mijn nek. Niet veel later stuift hij al voorbij op gympen en in een regenpak. Zelfs zonder peddelen haalt hij een moyenne van boven de zeven kilometer per uur en ik moet nog aardig doorwerken om bij hem te komen. Samen trotseren we het kanaal, een immense klotsbak, gezien de houten kades, waar het water tegenaan kan kabbelen en je vervolgens opnieuw kan lastig vallen. De golven komen van alle kanten en met méér dan tien kilometer per uur razen we voort. Naar ik later hoor, schept de volgboot zoveel water, dat hij bijna slagzij maakt. Dit is geen peddelen meer, dit is wildwaterkajakken op een stroomversnelling.

Het klotsende kanaal; peddelen in een wasmachine

Internetverslag: ‘…In Harlingen they turned onto the Van Harinxmakanaal. This was the toughest part of the race due to choppy water and gusts of wind…’

Na een kilometer of twee val ik en scheert mijn board weg. Gauw zwem ik er achteraan met de peddel in een hand. Tevergeefs. Dan is daar Syb. Als een razende Roeland rost hij me voorbij en vaart mijn board klem in de wal; de held! Snel klauter ik er weer op en hervat mijn pogingen dit wildwaterkanaal te overbruggen. De wind is zo hard toegenomen, dat ik me op mijn knieën werp om mijn zwaartepunt te verlagen. Dan gebeurt Syb hetzelfde als mij zo-even. Zijn board schiet weg en hij spartelt tevergeefs. Ik communiceer met de boot: ‘Redden jullie hem, of doe ik het?’ Zij doen het en dat is maar goed ook, want ik heb het aardig koud gezien mijn wachten op Syb toen hij net op het water kwam. Zittend op mijn knieën peddel ik met een rotgang naar Franeker. Het water kolkt, de wind buldert, de oevers zijn ver en het water is zwart. Als een nietige schim raas ik voort. In de verte een sleepboot die al koers wijzigt om met een boog om ons heen te tuffen. Verbeeld ik het me of wijzen ze naar hun voorhoofd als ik langspeddel. Aan het einde van het kanaal een scherpe bocht naar links. Dit is pas écht een windgat en ik dreig met mijn board tussen de wal en de brug te belanden in een benedenwindse dooie hoek. Ik peddel als een bezetene en haal het maar net. Ik blijf net een meter uit de wal en als een razende schiet ik onder de brug door zonder te peddelen. Dan een schreeuw van Dan; ik moet linksaf de stad in. Vlug corrigeer ik en peddel volle macht linksaf. Toos brult keihard: ‘Links!’, maar met deze wind draai je geen scherpe linkse bocht, enkel een hele ruime bocht met een immense draaicirkel. Dan eindelijk de rust van de stad, waar wind geen vrij spel meer heeft. De eerste dag die ik volledig op eigen kracht ben doorgekomen, en wat voor een! Nu kan ik wel genieten van mijn applaus, ik heb het verdiend en laat een oerschreeuw horen aan mijn gehoor.

SUP-pen rules!

Dag 4, 4 september, Franeker – Dokkum, 54 km – Later in de race peddel ik een kilometer verkeerd door een bord dat mist en het eerste dat ik hoor na het ontbijt is: ‘Het is nog een kilometer peddelen naar de start’. 56 kilometers dus! Toch vliegt het voorbij. We hebben de wind het grootste gedeelte schuin in de rug, of zoals een verslag op internet meldt: ‘…Today the strong southwest wind blew the contenders through the northwestern part of Friesland. The wind found no obstacles on the stretched country…’ Ik blijf na de start elke dag iets langer in de buurt van mijn collegae. Jammer dat ik bij een van de eerste bochten, de bocht uitvlieg en het riet uit mijn vin moet verwijderen. Het kost allemaal tijd. Al snel ontmoet ik een groep kayakkers die hun eigen 11-stedentocht varen, in 36 uur, non stop. Kijk! Dat lijkt me nou een leuke uitdaging; volgend jaar een non stop SUP-11-stedentocht. Dan wil ik wel iets beter weer bestellen, met name minder wind. Twee mannen halen me halverwege de dag in en ik besluit ze niet meer los te laten. Ik peddel als een bezetene om ze in het vizier te houden. Ik zal bewijzen dat SUP-pen sneller is; SUP-pen rules! In ieder geval blijkt al snel dat zij in het riet kijken en ik er overheen. Dat motiveert toch. Ik scheer over het water en in het kanaal bij Dokkem haal ik ze bij. Een goede dag, weer sneller en dichterbij mijn collegae. Dat ruikt naar meer!

In de wedstrijd groeien

Dag 5, 5 september, Dokkum – Leeuwarden, 30 km – Vandaag varen enkele nieuwelingen mee. Ze starten een uur eerder dan wij. De volgboot blijft echter bij mij. Hans en Laura hebben dat zo uitonderhandeld. Ze hebben nu 195 kilometer achter me aan gevaren en mijn inspanningen en leed meegemaakt; nu willen ze ook mijn finish meemaken en daarmee basta! Zo geschiedt het dus en geef ze eens ongelijk! Vanaf de start wil ik vandaag bij Donna en Anne-Marie blijven. Er groeit een gat van 200 meter, maar ik weet het in tien kilometer te dichten. Vervelend dat er dan een kluit riet in mijn vin terecht komt. Na verwijderen kan ik opnieuw beginnen. De moeder van Anne-Marie roept vanaf een brug: ‘Wat lief dat jullie bij Jan Fokke blijven’. Anne-Marie antwoordt: ‘We varen niet langzamer, hij vaart steeds harder’. Elke dag een beetje beter in deze voor mij nieuwe sport.

Techniek, techniek, techniek

Vriend Niels en mijn partner Hester zijn vandaag met de auto deze kant uitgekomen en brullen me van Dokkum naar Leeuwarden. Overal staan ze langs de kant. Ze brullen dat ik weer bij de dames kan komen. Kan ik ook, maar daarna gaat het kaarsje toch een beetje uit. Wat peddelen die dames makkelijk zeg! Ze beroeren het water nauwelijks, daar waar ik het halve kanaal omspit. Zij kletsen; ik hijg. Frustrerend. Als ik weer bij ze ben, maakt Niels enkele foto’s van dit unieke moment. Ik vaar voor Anne-Marie. Ik brul Niels nog toe: ‘Vandaag word ik geen laatste!’ Dus wel. Het is echt een uniek moment, meer nog één tel, want niet veel later zak ik af. Wat ik ook probeer, ik krijg niet voldoende snelheid uit mijn board, ook al heb ik nu ruim 200 kilometer kunnen kijken en oefenen. Vroeg insteken, korte slag, naast het lichaam uithalen, tegensturen met mijn gewichtsverplaatsing, maar ook harken als een Viking en genoeg waterverplaatsing om een Rijnaak te doen schommelen. Lichtvoetig zie ik ze aan de einder wegdobberen.

Peddelen in vechtmodus

Grommend brul ik naar Niels: ‘Hebben ze me Noordwestenwind beloofd, heb ik ‘m nog tegen!’ Dit is de eerste keer dat ik het kopje even moet laten hangen. Daarentegen: als het water rimpelt en ik bespeur weer die nimmer aflatende wind, ontwaakt er een vechtlust in me en hark ik me erdoorheen. Ik uit immense oerkreten en vorder gestaag. Het naarste stuk van de hele 11-stedentocht volgt bij binnenkomst van Leeuwarden: een stuk KAARSRECHT kanaal, zonder ook maar een stipje van luwte en de wind echt vol op de kop. Ik adem een paar keer diep, verman me, denk aan mijn held Patrick die zich de eerste dag over het meer vocht, begin te schelden en hark me naar de andere zijde. Peddelen in vechtmodus: diep voorover gebogen, lichtjes door de knieen, peddel halverwege beet als een honkbalknuppel en het peddelritme van een Olympisch roeier met ADHD. Ik schoffel het halve kanaal leeg en onderweg haal ik de twee nieuwelingen in die een uur eerder gestart zijn. Nietsontzienend hark ik ze voorbij, zonder ook maar één moment van verslapping. Zeker een half uur kost deze 500 meter me. Centimeter voor centimeter vorder ik en automobilisten toeteren. Geen idee wat de motivatie daarachter is. Ik ken geen genade, ik moet dat verrekte board in beweging houden. De andere twee hebben ook de grootste moeite om niet achterwaarts Leeuwarden weer te verlaten, maar ook zij slagen gelukkig. Niets dan respect, als je dit de eerste dag voor je kiezen krijgt en je komt erdoorheen, dan kun je SUP-pen!

Leeuwarden here I come!

Eenmaal aan de overzijde van het kanaal kan ik een triomfschreeuw niet onderdrukken. Niets weerhoudt me er nu nog van de finish te halen en buiten adem herstel ik in de heerlijke zonnestralen. Het is niet voor het eerst tijdens deze tocht lekker weer, maar zo ervaar ik het wel na regen, wind en storm. Genietend peddel ik mijn laatste meters door de buitenwijken van Leeuwarden. Vanaf balkons word ik toegeschreeuwd en ik tuur in de verte of ik de Zuiderzon zie (de boot dan hè). Nog een Y-splitsing, onder de brug door en dan ja! Een bootje met VIPs komt op me toegevaren, harde muziek, toeters, vrouw, vriend Niels, tante, nichtje en natuurlijk alle andere atleten op het schip en aan de wal. Iedereen juicht; dit is voor het eerst dat ik bewust langzaam vaar. Ik baal dat ik als debuterend SUP-per niet alle 220 kilometers zelf aankon, daarvoor was ik technisch nog niet sterk genoeg. Met 195 van de 220 kilometers heb ik echter iets neergezet waar ik zelf tevreden mee ben en ik heb mijn roots in Friesland verkend. Bij de boeg van de Zuiderzon reikt Anne-Marie me een biertje aan. Ze heeft haar droom gerealiseerd en ik mocht daar een klein onderdeeltje van zijn. Wat een topervaring om dan zo binnen te komen op de allereerste SUP 11-stedentocht. Weer een fantastisch avontuur afgerond. Ik wil de echte tocht nog graag een keer schaatsen en de volgende keer dat ik hem op een SUP-board onderneem, is het non stop en daar mag je me aan houden. Als iemand een board voor me regelt, peddel ik hem non stop.

Anne-Marie, het was een superdroom! Bedankt en sportieve groet.

 

SUP 11-stedentocht in de pers:

http://www.stand-up-surf.com/2009/08/11-city-tour-sup-fryslan/

http://www.zideo.nl/index.php?option=com_podfeed&zideo=6d5961566e513d3d&playzideo=6b344b576f563970

http://www.grootsneek.nl/stand-up-paddler-byron-kurt-van-andere-planeet-2

http://www.liwwadders.nl/data/nieuws/items/EkVElEEFpZCQJgKgCP.php

http://www.radionof.nl/nieuws/finish-internationale-stand-up-paddle-race-in-dokkum

http://www1.omropfryslan.nl/Player.aspx?t=v&fn=HEA21AUG08.wmv

http://madwindsurfing.com/nl/anne-marie-reichman-peddelt-elfstedentocht/

An item on the SUP 11th city tour was broadcasted on Dutch televion:

http://www.rtl.nl/components/actueel/editienl/miMedia/2009/week36/wo_elfstedentocht.avi_plain.xml

http://www.spitsnieuws.nl/digispits/, select September 2nd

Live on radio at Omrop Fryslan.

Frisian television broadcasted an item on the sup 11th city on September 1st. Check this on http://www1.omropfryslan.nl/Player.aspx?t=v&fn=1900_HJOED01SEP09.wmv, you may want to forward till 18:39. Than the SUP news item starts.

The Dutch youth news broadcasted an item on the sup 11th city on September 1st. We hope a new generation of SUP athletes will “stand up” in Holland. Check the news item on http://www.nos.nl/jeugdjournaal/artikelen/2009/9/1/nieuwerageondersurfers.html.

Check out the site www.grootsneek.nl voor some nice articles on the tour. For example

www.grootsneek.nl/chapeau-voor-stand-up-paddlers-elfstedentocht

www.grootsneek.nl/peddel-elfstedentocht-loodzwaar

www.grootsneek.nl/start-sup-elfstedentocht-in-leeuwarden

Geen reactie's

Geef een reactie