Jan Fokke Oosterhof | @Innovatievermogen Nederlandse horeca; Bitterballenmarketing
1003
post-template-default,single,single-post,postid-1003,single-format-standard,ajax_updown_fade,page_not_loaded,qode-page-loading-effect-enabled,,qode_grid_1200,footer_responsive_adv,hide_top_bar_on_mobile_header,qode-content-sidebar-responsive,qode-theme-ver-17.2,qode-theme-bridge,qode_header_in_grid,wpb-js-composer js-comp-ver-5.6,vc_responsive
 

@Innovatievermogen Nederlandse horeca; Bitterballenmarketing

@Innovatievermogen Nederlandse horeca; Bitterballenmarketing

Vandaag las ik een mooi artikel in de Spits ‘Prijzenregen voor de bitterbal’. Foodtrendwatcher Vincent van Dijk heeft de beste bitterbal van Amsterdam gevonden bij Cafe Luxembourg op het Spui. Vijf maanden lang proefde hij bitterballen bij meer dan 140 cafes in Amsterdam. Cafe ‘t Gasthuys won de prijs van beste budgetbal voor 12-ballen-voor-4-euro. Het deed me denken aan een eerdere column die ik schreef over het fenomeen ‘Bitterballenmarketing’.

Al jaren houd ik me beroepshalve bezig met marketing; van boeken, van films, van mijn bedrijf en advies aan anderen. Internetmarketing, productmarketing, marktdifferentiatie, doelgroepsegmentatie, free publicity en mijn favoriet: guerrillamarketing. Kleine trucs om kosteloos groot resultaat te bereiken. Zo noemde ik bijvoorbeeld mijn evenementenbureau destijds 3HOUSE, naar de boomhut en daarmee het buitensportaspect benadrukkend. Waarom echter de 3? Als je op internet lijstjes aantreft, of in de ouderwetse Gouden Gids, dan beginnen de lijstjes – van welke aard dan ook – dus niet met de letter – a – maar met cijfers. En wie belt een gemiddelde klant het eerste? Juist ja, degene die het eerst komt. Wat dat betreft kun je het beste ook nog accolades om je naam heen zetten, want dan kom je nog weer voor de cijfers. Daar hadden wij destijds met ons evenementenbureau 3HOUSE dan weer geen last van. Wel van 112-events, maar dat terzijde.

Nu de slag naar de bitterballen om terug te komen bij de titel. Ik zit op een terras in Rotterdam met collega Marcel en bestel bitterballen bij mijn biertje. Prijs € 4,50. Verkoopprijs per bal is dus € 0,50. Laten we nu de inkoopprijs van een gemiddelde bal eens stellen op € 0,02. De bewerkingskosten laten we even buiten beschouwing. Dan kunnen we met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid stellen dat een bitterbal een aantal keren over de kop gaat. Een bitterbal is een ‘uitstekende investering’ zelfs voor de horeca-eigenaar. Een bitterbal is vanuit economisch standpunt gezien een cash cow voor de ondernemer. Voor de bierdrinkende klant is dat kreng gewoon veelsteduur. Je wordt gewoon keihard een poot uitgedraaid.

Hypothetisch: stel nu eens dat er één – dus niet twee – café is in het hele centrum van Rotterdam dat op het idee komt om voor die € 4,50 in plaats van 9, maar liefst 18 bitterballen aan te bieden. Of deel ze voor mijn part gratis uit in plaats van die saaie keiharde pokkepinda’s die tegenwoordig elk zichzelf respecterend etablissement je voorzet. Bij pinda’s is geen sprake meer van toegevoegde waarde; dit is pure dissatisfactie.

Met de geschetste inkoopprijs gaan die ballen in porties van 18 stuks nog steeds veelstevaak over de kop. Vanuit een marketingstandpunt gaan er dan – gegarandeerd – vier dingen gebeuren:

1. Dit verspreidt zich als een lopend vuurtje door de stad via mond-tot-mondreclame. Daar hoef je écht helemaal niets voor te doen.

2. Je terras zit vol.

3. Een schaaltje met 18 bitterballen krijg je dus niet op met één biertje, je bestelt dus nog een biertje. Nu heb ik niet de kostprijs van bier voorhanden, maar gevoelsmatig durf ik te stellen dat dit ergens de gederfde bitterballeninkomsten gaat ondervangen.

4. Het wordt een gezellige boel; je tent krijgt een naam.

Typerend is dat er dus niet één horecagelegenheid is – voor zover mij bekend – die de eerste stap neemt. Is dit kenmerkend voor het innovatievermogen van de Nederlandse horeca, zo vraag ik mij dan af.

Wordt vervolgd…

1 reactie»

________________________________________

Hoi Jan Fokke, Prima blog! Zo is het maar net. Daarom prijst de Horeca zichzelf de markt uit. Voorbeeld: een flesje slobberwijn koop je in een restaurant niet meer voor minder dan 22 euro! Hoe kunnen we dit gedrag en de achterliggende filosofie afstraffen?

Reactie door G. — 12 maart 2010 @ 20:12 uur

 

Geen reactie's

Geef een reactie